Ingrediënten
- 300 gram pure of melk chocolade
- 150 gram ongeklopte room
- 200 gram chocolade (naar eigen smaak)
- 75 gram chocolade in een andere kleur ter decorati
Bereiden
Eerst maak je de ganache. Dat is de kern van de bonbon. Breng de room in een steelpannetje aan de kook. Smelt ondertussen de chocolade au-bain-marie. Giet de gesmolten chocolade al roerende bij de room, zodat een smeuïg mengsel ontstaat. Doe de ganache in een kommetje en laat het afkoelen en opstijven in de koelkast.
Na anderhalf uur is de ganache klaar. Haal het kommetje weer uit de koelkast en laat de ganache een beetje op kamertemperatuur komen. Tempereer ondertussen de chocolade voor de coating in een smal kommetje. Tempereren is het geleidelijk opwarmen van chocola in de magnetron. Doe dit door een bakje chocola 10 seconden op 600 watt in de magnetron te zetten. Roer het daarna even door en blijf dit herhalen totdat de chocola gesmolten is.
Maak balletjes van de ganache en geef ze een platte onderkant, zodat de bonbon straks netjes blijft staan. Doe dit wel snel, want je lichaamswarmte maakt de ganache erg zacht. Zorg ervoor dat het contact zo kort mogelijk is.
Leg een bolletje ganache op een vorkje en haal deze door de gesmolten chocolade, totdat deze helemaal bedekt is. Laat de bonbon even uitdruipen en zet ‘m dan op een stukje bakpapier. Herhaal deze handelingen tot je alle ganache-bolletjes hebt omgetoverd tot bonbons!
Smelt tot slot de chocolade voor de decoratie. Met een satéprikker kun je leuke bolletjes op de bonbons maken en met een spuitzak kun je gemakkelijk lijntjes over je bonbons trekken. Verder kun je de bonbons versieren met zilverpilletjes en ander decoratiemateriaal.